gepubliceerd op: 18/08/2026

Ruim een derde van de moeders en 1 op de 6 vaders van zeer vroeg geboren baby’s ervaren zoveel klachten dat mogelijk sprake is van een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Dat blijkt uit een landelijke studie waar alle Nederlandse IC-afdelingen voor te vroeg geboren baby’s aan meededen. “Als we weten welke ouders vastlopen, kunnen we hen tijdig gerichte hulp bieden. Dat is beter voor de ouders én voor het kind”, zegt onderzoeker Lotte Haverman.

“Een vroeggeboorte en opname op de intensive care voor baby’s is niet alleen een ingrijpende medische gebeurtenis, maar kan bij veel ouders diepe emotionele sporen nalaten. Deze landelijke studie laat zien dat we hun klachten serieus moeten nemen”, benadrukt psycholoog Lotte Haverman, hoogleraar in het Emma Kinderziekenhuis van Amsterdam UMC.

Psychische klachten

De onderzoekers volgden 446 zeer vroeg geboren baby’s, geboren vóór 29 weken zwangerschap. De ouders van 217 gezinnen vulden vragenlijsten in over hun mentale welzijn: kort na de geboorte, een maand later en rond de uitgerekende datum. “Hoewel het met de meeste ouders gelukkig goed gaat, zagen we dat een aanzienlijk deel kampt met psychische klachten”, zegt Kirsten Muller, psycholoog-onderzoeker bij Amsterdam UMC en Erasmus MC.

Cijfers in werkelijkheid hoger

Moeders rapporteerden gemiddeld meer klachten dan vaders. Ruim een derde van de moeders had rond de uitgerekende datum klachten die passen bij PTSS. Bij vaders ging het om ongeveer 1 op de 6. Waarschijnlijk zijn de cijfers in werkelijkheid nog hoger.

Ingrijpende gebeurtenis

Bijna 40 procent van de moeders was in de eerste weken na de geboorte duidelijk somber, bij vaders gold dit voor ongeveer 20 procent. De depressieve klachten bij moeders namen later wat af. Met name de PTSS-klachten bleven bij veel ouders opvallend hoog. PTSS kan ontstaan na een zeer ingrijpende gebeurtenis, zoals geweld of een levensbedreigende situatie. Het gaat dan om klachten zoals herbelevingen, vermijding, negatieve gevoelens en verhoogde spanning. Deze klachten hebben niet alleen invloed op het leven van de ouders, maar mogelijk ook op dat van hun te vroeg geboren kind.  Want we weten dat de ontwikkeling van kinderen wordt beïnvloed door hoe het met ouders gaat.

Risico op meer klachten

Andere ingrijpende levensgebeurtenissen in het verleden, eerder ontvangen psychische hulp, veel stress tijdens de zwangerschap en hoge stress tijdens de ziekenhuisopname hingen samen met meer klachten bij beide ouders. Bij vaders speelden daarnaast de conditie van de baby, het aantal kinderen in het gezin en de ervaren steun een rol.

Zien hoe het met de ouders gaat

Volgens de onderzoekers is het belangrijk om de mentale gezondheid van ouders te volgen, als vast onderdeel van de zorg rondom vroeggeboorte. Het zou wenselijk zijn dat zorgverleners tijdens het gesprek in de spreekkamer weten hoe het met ouders gaat en waar extra ondersteuning nodig is.

EMDR

“Door klachten vroeg te signaleren, kan steun en behandeling op tijd starten. Dat is beter voor ouders én kind”, zegt Lotte Haverman. “Als we weten welke ouders vastlopen, kunnen we gerichte hulp bieden en voorkomen dat klachten onnodig lang blijven bestaan.” De studieresultaten maken duidelijk dat het belangrijk is om ervoor te zorgen dat ouders zo min mogelijk stress hebben tijdens en na de IC-opname van hun kind.
De onderzoekers willen de effectiviteit van EMDR therapie voor ouders van te vroeg geboren kinderen in kaart brengen. Als het goed helpt, zou het een vast onderdeel van de zorg moeten worden.

HIPPO-studie

Dit onderzoek is onderdeel van de landelijke HIPPO-studie (Happiness for the Improvement of Premature and Parental Outcome). Het gaat om een samenwerking tussen Amsterdam UMC, Erasmus MC, UMC Utrecht, Neonatologie Netwerk Nederland en de ouder- en patiëntenvereniging Care4Neo, mede mogelijk gemaakt door de VriendenLoterij. Het onderzoek is uitgevoerd in alle Nederlandse IC-afdelingen voor te vroeg geboren kinderen.

De resultaten zijn gepubliceerd in het tijdschrift Pediatrics

Bronnen:

Amsterdam UMC | Amsterdam UMC

Tijdschrift Pediatrics